In het schooljaar 2024-2025 werden in samenwerking met het Expertisepunt Burgerschap verschillende leernetwerken Burgerschap aangeboden. In deze leernetwerken gingen deelnemers in enkele bijeenkomsten aan de slag met een specifiek vraagstuk rondom burgerschapsonderwijs. Scholen die een leernetwerk vormden kwamen in de bijeenkomsten samen en werden begeleid door een expert. We delen hieronder de resultaten van de leernetwerken:
De opbrengsten van andere leernetwerken worden de komende tijd aangevuld.
(Laatste update: 14 januari 2026)
Hoe monitor je burgerschapsonderwijs op een manier die past bij zeer moeilijk lerende leerlingen? In dit leernetwerk werkten zes VSO/ZML-scholen samen aan een concreet antwoord op die vraag.
In vijf bijeenkomsten ontwikkelden zij, samen met het Expertisepunt Burgerschap en netwerkpartners, een praktisch en visueel stappenplan dat scholen helpt om bewuste keuzes te maken in het monitoren van burgerschap. Niet vanuit het instrument, maar vanuit de vraag: Wat vinden we cruciaal dat leerlingen meenemen bij uitstroom?

De opbrengst is een gedeeld denkkader én een direct toepasbaar hulpmiddel voor scholen die burgerschap doelgericht en passend willen evalueren.
Saxion Hogeschool en de Nederlandse Montessori Vereniging (NMV)
Hoe geven we burgerschapsonderwijs vorm op een manier die recht doet aan Montessori’s visie én aan de hedendaagse wettelijke eisen? In dit leernetwerk, dat visie, praktijk, onderzoek en beleid samenbracht, gingen onderwijsprofessionals uit het Montessori primair en voortgezet onderwijs met elkaar in gesprek over deze centrale vraag. De opbrengsten laten zien dat burgerschapsonderwijs niet los hoeft te staan van pedagogische identiteit, maar juist krachtig wordt wanneer het daaruit voortkomt. Daarmee zijn de inzichten ook relevant voor andere onderwijscontexten.
Centraal stond het leren door dialoog en reflectie op de eigen praktijk. Vragen die hierbij de rode draad vormden waren: Hoe verhoudt onze visie zich tot het dagelijks handelen? Welke burgerschapspraktijken zien we al? Hoe monitoren we ontwikkeling zonder afvink-denken? Tussen de bijeenkomsten door verdiepten en expliciteerden scholen hun praktijk via praktijkbeschrijvingen en reflectie-instrumenten.
Een belangrijke opbrengst is het formuleren van drie focuspunten voor Montessori-burgerschap: verbinding, zelfstandig denken en maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef. Deze bieden scholen een gezamenlijke taal om pedagogische keuzes te verbinden aan de wettelijke burgerschapsopdracht.

Bekijk de publicatie en het werkdocument (po)
Bekijk de publicatie en het werkdocument (vo)
Burgerschapsonderwijs gaat over onderwerpen waarbij individuele en collectieve belangen botsen, waarbij we leerlingen toerusten om tot oplossingen te komen. Deze definitie van Bram Eidhof wat het uitgangspunt van dit leernetwerk. Sara Lozano Parra liet zien dat frictie in de klas kansen biedt voor democratische vorming – als er een vertrouwensband is.
Maar dan komen de lastige vragen: Wat doe je bij extreme opmerkingen? Wanneer gooi je je geplande les overboord? Hoe bepaal je je eigen positionaliteit? Wanneer spreek je, wanneer luister je vooral?
Docenten van Academie Tien ontwikkelden een aanpak die tegemoetkomt aan de pedagogische opdracht van de school: het creëren van een democratische cultuur waarin gevoelige onderwerpen bespreekbaar zijn. Deze aanpak werd vertaald in een handout met heldere uitgangspunten, een praktisch stappenplan, concrete gesprekstools en tips.
Het resultaat: een werkwijze waarin leerlingen serieus genomen worden, waarin luisteren centraal staat, en waarin frictie niet vermeden maar benut wordt als leerkans. Want uiteindelijk gaat het niet om overeenstemming – het gaat om het ervaren van verschil en het begrijpen waar dat verschil vandaan komt.
Lees de handout en ontdek hoe jij ruimte kunt maken voor deze belangrijke gesprekken in jouw klas.
Hoe zorg je ervoor dat leerlingen echt betrokken burgers worden? Nu de Inspectie meer focus legt op het burgerschapsonderwijs en er veel herstelopdrachten zijn, ligt de nadruk steeds meer op het opvolgen van de regels in plaats van het ontwikkelen van echte betrokkenheid bij burgerschapsonderwijs. De oplossing kan simpel zijn: sluit aan bij de bestaande bezieling en motivatie van de mensen in school en gebruik de unieke kracht van de school. Begin met de reden en het doel (de why en de what) en kijk daarna samen naar hoe het uitgevoerd kan worden (de how). Motivatie, visieontwikkeling en draagvlakmobilisatie gaan aan doelmatig burgerschapsonderwijs vooraf en vormen het fundament. Het leernetwerk ‘Bezield Burgerschap’ had als doel om leraren in het voortgezet onderwijs te helpen bij het maken van inspirerend en doeltreffend burgerschapsonderwijs door uitwisseling, ontwikkeling en onderzoek.

Daarnaast resulteerde dit in een boek over best-practices in burgerschap in het vo ‘Bezield burgerschap in het voortgezet onderwijs’.
In dit leernetwerk hebben docenten samen geoefend met het betekenisvol integreren van burgerschap in hun vak scheikunde. Tijdens de eerste bijeenkomst onderzochten ze wat een maatschappelijk vraagstuk relevant maakt voor leerlingen. Aan de hand van krantenartikelen leerden de scheikundedocenten hoe ze deze thema’s konden verbinden aan hun lesinhoud. Iedere docent ontwierp een eigen les, die vervolgens in de klas werd uitgevoerd.
In de bijeenkomsten werd niet alleen gekeken naar inhoud, maar ook naar de rol van identiteit, omgeving en dialoog. Het voeren van klassendiscussies bleek uitdagend, maar waardevol. Docenten leerden van elkaars ervaringen en durfden te experimenteren. Aan het eind van het traject gaven de deelnemers aan hoezeer hun kijk op burgerschap was veranderd: ze ontdekten dat het geen ‘extra vak’ is, maar iets wat in elk vak kan leven – ook in scheikunde.

Dit leernetwerk wordt doorontwikkeld. In schooljaar 2025–2026 start een nieuwe groep, zodat nog meer docenten het vak scheikunde kunnen verbinden met de samenleving om hen heen.